
Vergeet-mij-niet; ‘ik blijf meedoen’
Column 93 keer gelezenOp 21 september is het Wereld Alzheimer Dag. Een dag speciaal bedoeld voor mensen met dementie, hun naasten, mantelzorgers en zorgverleners.
Hoe is het om de schoonheid van een zonsondergang te zien, maar te ervaren als een bron van paniek? Wat doet het met je om de wereld met anderen te delen, maar slecht in staat te zijn contact te maken?
Door columnist Rob Rijkschroeff
Edward Munch drukte het uit in De Schreeuw (1893) toen hij een existentiële crisis doormaakte. Ultieme uitbeelding van existentiële angst, van wanhoop en onmacht tegenover de natuur of het leven.
‘Als je je handen over je oren doet – een instinctieve reactie – wordt je isolement alleen maar groter. Maar het lukt niet om aan de schreeuw van de wereld te ontsnappen. De kleuren in de lucht omsluiten de figuur op het schilderij. Wervelende lijnen volgen de vorm van de figuur, terwijl ze ook duiden op de schreeuw in het hoofd van de persoon’, aldus kunsthistoricus Nigel Halliday.
Munch raakt in zekere zin de oerschreeuw van de mens in nood; de verdwazing, het niet meer weten, het volkomen verloren zijn in de nabije omgeving. Zo wil een mens zich niet voelen.
In essentie biedt kunst een manier om onmacht niet als een eindstation te zien, maar als een startpunt voor dialoog, verandering en transformatie.
De schreeuw om aandacht voor mensen die getroffen worden door Alzheimer als patiënt én als mantelzorger wordt symbolisch uitgedrukt in een vergeet-mij-nietje, een ik-blijf-meedoen-speldje.
Vanuit de gedachte iets te kunnen betekenen voor de ander en voor de gemeenschap ‘zaaien’ veel leraren deze week die vergeet-mij-nietjes in de dagopening bij hun leerlingen en vragen zij op die manier aandacht voor Alzheimer.
Hopelijk valt hun zaaisel in goede aarde en leidt het tot een omvangrijke en aanzienlijke oogst. Op korte én op langere termijn.

















