
Column - Grasduinen in de grasmaand
Column 116 keer gelezenSteeds vaker herbeleef ik die middagen waarop ik door een grammofoonplatenzaak dwaal en mijn hand af en toe een lp vastgrijpt. Tegenwoordig grasduin ik op een vergelijkbare manier in een kringloopwinkel óf over het internet.
Plots bevind ik me op een blog van iemand die zich Songcatcher noemt. Hij beschrijft liederen waarin je bezieling hoort, waarin de zanger of zangeres er vol passie en hartstocht voor gaat. Met originaliteit en lef. Een lied dat met verve wordt gebracht en waarin een verhaal wordt verteld.
Door Rob Rijkschroeff
Zo beschrijft hij een nummer dat Herman van Veen zong als toegift bij zijn show in Carré in april 1976, precies vijftig jaar geleden: ‘Te hooi en te gras’ . Hoor vooral de poëzie van de toenmalige jonge dertiger.
Als dit op een gedicht lijkt,
dan komt dat door jouw ogen,
die blauwer worden als je praat
over zeemeeuwen en aardbeienjam.
Een dichter zet een moment, een gevoel, een beleving om in beeldende taal. Het geheel roept emoties op en krijgt betekenis. De persoonlijke beleving van de poëet wordt universeel herkenbaar. Taal wordt muziek.
Waardoor zouden haar ogen blauwer worden juist als zij praat over aardbeienjam en zilverkleurige zeemeeuwen?
‘Hoe dan?’, zouden hedendaagse tieners zeggen.
Een couplet vertelt het verhaal, het refrein toont de kern. In ‘Te hooi en te gras’ lijkt het moment van samenzijn een eeuwigheid te duren. Vanwege het gelukzalig gevoel dat ontstaat uit toevalligheden. ‘Samen lopen van omstandigheden’ noemt Herman van Veen dat simpelweg.
Hét is er zomaar. Er zit geen vooropgezet plan achter. Toeval lijkt dan toch te bestaan. Ineens.
Samen bramen plukken
Samen schuilen onder een jas
Samen lopen van omstandigheden
Te hooi en te gras
Dat was wat het was
















