
Een stukje Romeinse geschiedenis aan de Oosterschelde
Algemeen 87 keer gelezenColijnsplaat – Aan de rand van de Oosterschelde, vlak bij de haven van Colijnsplaat, staat een tempel die zo uit de Romeinse tijd lijkt te komen. Toch werd de Nehalenniatempel pas in 2005 geopend. Het bouwwerk vertelt het verhaal van een vergeten godin, een verdronken havenstad en een vondst die de geschiedenis van Zeeland veranderde.
Door Doortje Klinkenbergh
Wie langs de Oosterschelde bij Colijnsplaat wandelt, verwacht misschien geen Romeinse tempel tegen te komen. Toch staat daar een bijzondere herinnering aan een tijd waarin handelaren uit heel Noordwest-Europa deze streek bezochten. Het verhaal begint in 1970, wanneer de Thoolse schipper K.J. Bout tijdens het vissen een bijzondere steen in zijn net vindt. Het blijkt een altaarsteen met Latijnse teksten uit de Romeinse tijd, gewijd aan een vrijwel onbekende godin: Nehalennia.
De vondst leidde tot een grote archeologische ontdekking. Op de bodem van de Oosterschelde, vlak voor de kust van Colijnsplaat, werden honderden altaarstenen, beeldfragmenten en bouwmaterialen gevonden. Hier moet ooit de havenstad Ganuenta hebben gelegen, waar kooplieden aanlegden voordat zij de oversteek naar Brittannië maakten.
De ontdekkingen zorgden bovendien voor een nieuw beeld van de Romeinse geschiedenis in Zeeland: de Romeinse invloed bleek veel verder te reiken dan alleen de bekende grens langs de Rijn.
Godin van handel en voorspoed
Over Nehalennia zelf is weinig bekend. Ze komt niet voor in Romeinse geschriften en is vooral bekend dankzij archeologische vondsten in Zeeland. Naast Colijnsplaat zijn ook in Domburg resten gevonden. “Ze was een inheemse godin uit deze streek”, vertelt Johan Sturm van Stichting Nehalennia. “Waarschijnlijk met Keltische of Germaanse wortels.”
Handelaren en schippers vroegen Nehalennia om bescherming tijdens hun reizen over zee. In ruil beloofden zij een offer bij een behouden terugkeer. “Eigenlijk vroegen ze twee dingen: zorg voor een veilige overtocht en zorg dat we met een mooie winst terugkomen.”
Op de gevonden altaren wordt Nehalennia afgebeeld met onder meer een scheepssteven, een hond als teken van trouw en fruit als symbool voor voorspoed en vruchtbaarheid. Ook draagt ze een pelerine, een schoudermanteltje dat door een archeoloog ooit lachend ‘de eerste Zeeuwse klederdracht’ werd genoemd.
Van vreemd idee naar icoon
Eind jaren negentig ontstond bij inwoners van Colijnsplaat het idee om het verdwenen heiligdom van Nehalennia opnieuw zichtbaar te maken. Aanleiding was het 400-jarig bestaan van het dorp in 1998. “We hadden allerlei feestelijkheden georganiseerd, maar vonden dat er ook iets blijvends moest komen als herinnering aan die verjaardag”, vertelt Sturm.
Het plan om een tempel te reconstrueren kreeg niet meteen alleen enthousiaste reacties. Sommige mensen vonden het maar een heidens idee. Toch zette een groep inwoners, waaronder Sturm, door. Met hulp van onder meer archeologen, vrijwilligers en sponsoren werd de tempel gebouwd. Archeologen van de Vrije Universiteit Amsterdam dachten mee over het ontwerp. “Het is geen exacte kopie, want we weten niet precies hoe de oorspronkelijke tempel eruit heeft gezien. Maar het is wel een betrouwbare reconstructie.”
Sommige mensen vonden het maar een heidens idee om een tempel voor een Romeinse godin neer te zetten.
In 2005 werd de Nehalenniatempel geopend.
Nieuwe geheimen onder water
De oorspronkelijke tempel en havenstad liggen nog altijd verborgen onder de Oosterschelde. Ongeveer een kilometer uit de kust van Colijnsplaat, op zo’n 25 meter diepte, ligt de plek waar ooit Ganuenta stond. Duiken op die locatie is volgens Sturm niet eenvoudig. “Het zicht is slecht, er staat veel stroming en er dwarrelt veel zand en klei rond.”
Deze zomer doet de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) opnieuw onderzoek in de Oosterschelde. Vier weken lang zoeken archeologen onder meer naar resten van het heiligdom van Nehalennia in Colijnsplaat. “Misschien levert dat nieuwe informatie op over de tempel die bijna tweeduizend jaar geleden aan het water stond.”
Tempel leeft voort
De replica in Colijnsplaat blijft bezoekers trekken. Fietsers en toeristen komen regelmatig kijken en de vitrines met Romeinse vondsten bekijken. De zuilengalerij, het tempelhof en het uitzicht over de Oosterschelde maken de plek bijzonder. “Het is echt een icoon geworden. Je ziet de tempel overal terug op foto’s en in folders,” aldus Sturm.
De tempel trekt niet alleen liefhebbers van geschiedenis. Ook mensen die zich verbonden voelen met oude Europese natuurgodsdiensten weten de plek te vinden. De stichting organiseert deze bijeenkomsten niet zelf, maar stelt de tempel soms beschikbaar voor vieringen en rituelen. Voorwaarde is dat bezoekers respectvol omgaan met de plek en bijdragen aan het behoud ervan.
Een uitdaging voor de toekomst
De Nehalenniatempel staat inmiddels stevig op de kaart, maar het behoud van het monument vraagt blijvende inzet. “Wat veel mensen misschien niet weten, is dat het voortbestaan van de tempel ook een uitdaging is. We hebben gebrek aan bestuurskracht en financiën”, vertelt Sturm. “Het bestuur is wat verouderd en het kost aardig wat geld en tijd om de tempel te onderhouden en te behouden. We kunnen best wat nieuw bloed gebruiken.”
Wie wil helpen met het in stand houden van dit bijzondere stukje Romeinse geschiedenis kan meer informatie vinden via
www.nehalenniatempel.nl.
















