Tientallen huishoudens in Kapelle gevoelig voor hogere brandstofkosten

Kapelle - De stijgende brandstofprijzen vormen een extra financieel risico voor 77 huishoudens in Kapelle. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van onderzoeksinstituut TNO.

Het gaat om huishoudens met een besteedbaar inkomen van minder dan 23.000 euro per jaar die daarnaast relatief veel autokilometers maken, bijvoorbeeld omdat het openbaar vervoer of fietsen voor hen geen realistisch alternatief is. In Kapelle zijn er volgens het onderzoek 500 huishoudens met zo’n inkomen.
De groep rijdt bovendien vrijwel altijd op fossiele brandstoffen. Mensen met een elektrische auto hebben volgens het onderzoek doorgaans een hoger inkomen.

Ten opzichte van twee jaar geleden is het aandeel kwetsbare huishoudens in Kapelle gedaald. In het eerdere onderzoek van TNO ging het om 1,8 procent van de huishoudens, nu is dat 1,4 procent. Landelijk is ook een daling zichtbaar. Volgens de onderzoekers komt dat doordat inkomens de afgelopen twee jaar sterker zijn gestegen dan de brandstofprijzen.
TNO berekende daarnaast hoeveel geld een gemiddeld huishouden in Kapelle kwijt zou zijn aan brandstof als de benzineprijs stijgt tot 2,50 euro per liter. In dat geval zou 4,9 procent van het inkomen naar autobrandstof gaan. Op het moment van publiceren kost een liter Euro 95 gemiddeld 2,34 euro, volgens de ANWB.

Het kabinet werkt ondertussen aan maatregelen om energieprijzen te dempen. Daarbij wordt onder meer gekeken naar een terugkeer van het Tijdelijk Noodfonds Energiesteun, dat bedoeld is voor huishoudens die moeite hebben hun gas- en lichtrekening te betalen. In de afgelopen drie jaar werd via dit fonds in Kapelle bijna 55.000 euro uitgekeerd. Uit eerder onderzoek van TNO bleek dat meer dan 100 huishoudens in Kapelle een laag inkomen combineren met hoge energiekosten. Gemiddeld zouden deze huishoudens ongeveer 606 euro nodig hebben om de energierekening betaalbaar te houden.

Of er ook specifieke maatregelen voor automobilisten komen, is nog niet duidelijk. Een mogelijke accijnsverlaging zou volgens TNO beperkt effect hebben voor lage en middeninkomens: zij zouden ongeveer 80 euro per jaar besparen, terwijl hogere inkomens naar schatting 120 euro voordeel zouden hebben.