
Het dorpshart van Kapelle
‘De Zwaan' is een begrip in Kapelle. Het hotel bestaat al meer dan vierhonderd jaar en heeft een indrukwekkende geschiedenis achter de rug.
Zo vertelde uitbaatster Angelique Schneider aan de PZC dat ‘De Zwaan' al in 1617 begon als herberg aan het kerkplein.
Een centrale plek in het dorp, dat toen niet veel meer was dan een grote kerk en een paar huizen eromheen.
Net als nu kwam vrijwel al het verkeer er langs.
Reizigers die vanuit Goes op weg waren naar Bergen op Zoom of verder konden het niet
missen.
Vaak dronken en aten ze er wat, of bleven ze er overnachten.
Want ‘De Zwaan' was niet slechts een café, het was van het begin af aan
tevens een restaurant en hotel.
Dat ze al deze functies nog steeds heeft, is uniek.
Al sinds de Middeleeuwen kende ons land herbergen, maar die hadden aanvankelijk een heel andere betekenis dan wij nu denken.
Het woord ‘herberg' is namelijk een samenstelling van ‘heer’ (leger) en ‘berg’, afgeleid van bergen (schutten).
Een veilig soldatenkwartier dus, dat in de loop van de tijd uitgroeide tot slaap- en eetgelegenheid voor de reiziger, maar ook een plek was waar de plaatselijke bevolking kon eten en drinken.
Naast de herberg bestonden er in vrijwel alle dorpen tapperijen, in de regel niet meer dan piepkleine huiskamercafé’s, waarmee de vrouw het inkomen van haar man aanvulde.
Controle op misbruik van sterkedrank was er niet.
Daar kwam pas in 1881 verandering in, toen er een wet werd aangenomen ‘tot regulering van de handel in sterkedrank en ter beteugeling van openbare dronkenschap’.
De wet betekende de doodslag voor de talloze huistapperijen.
Voor het beginnen van een drankgelegenheid was tenslotte een kostbare vergunning
vereist.
De plaatselijke herberg speelde een cruciale rol in het sociale leven van het dorp.
Vroeger was er thuis immers niets te beleven, bovendien was daar door de krapte en armoede de gezelligheid ver te zoeken.
In de herberg daarentegen kon je je ontspannen, spelletjes doen en
de laatste nieuwtjes uitwisselen.
De kastelein was bij dat alles de spil: hij schonk niet alleen, hij was vooral sociaal raadsman die
dreigende ruzies suste, de grote animator, en vaak de drijvende krant achter talloze gezelligheidsverenigingen.
Kortom, degene die een wezenlijke bijdrage leverde aan de instandhouding van het dorpsleven.
En dat laatste is in wezen niet veranderd.
De ondergang van de ‘kroeg’ is vaak voorspeld, maar gelukkig is het in Kapelle nooit zo ver gekomen.
